Vraag het mijn moeder maar. Ik was vroeger een financiële ramp. Alles wat ik verdiende en meer vloog er meteen uit. Ze zette me zelfs een keer op financieel rantsoen, in de hoop dat te veranderen. Sindsdien heb ik een hoop geleerd. Deze 9 dingen hoor je mij nooit meer zeggen.

1. Ik had toch nog een tientje in mijn portemonnee?
Een paar jaar geleden was dit nog maar. Ik had werkelijk geen enkel inzicht in wat ik met mijn geld deed. Als ik op maandag 50 euro in mijn portemonnee stopte, had ik dinsdag al geen idee meer van wat er van over was. Soms was ik er heilig van overtuigd dat ik nog cash in mijn portemonnee zou moeten hebben. Dan stond ik er vastberaden naar te zoeken bij de kassa. Maar dan was het er gewoon niet meer. Op. Uitgegeven. Geen idee meer waaraan, ook alweer. Hoe kan je veranderen, zeg. Ik loop al een maand met een tientje in mijn portemonnee rond. Als wisselgeld van iets wat ik contant moest betalen. En het zou zomaar kunnen dat dat tientje nog een maand blijft zitten.

Lees ook: Kill die vaste lasten (en die van ons onthuld)

2. Als deze pas het niet doet, heb ik nog een andere, hoor.
Hoe vaak ik dit wel niet zei… Dan stond ik bij de kassa om iets af te rekenen en had ik eigenlijk geen idee of er nog genoeg geld op mijn rekening stond. Ik checkte mijn saldo ook bijna nooit. Dus kondigde ik het alvast half aan bij de verkoopster. Dat als deze pas weigerde, ze zich geen zorgen hoefde te maken, want dan had ik nog wel een andere. Gênant. Inmiddels heb ik geen andere pas meer. Ik heb alleen een pasje van onze gezamenlijke rekening, verder niets. Dus staat het daar niet op, dan heb ik pech.

3. Ik droom van een vrijstaand huis.
Ik groeide op in een vrijstaand huis (agrarisch bedrijf) en heb altijd gedacht: ik wil later ook vrijstaand wonen. Dat doe ik nu niet. En die wens heb ik ook niet meer. Tuurlijk, als ik zou verhuizen en ik kon kiezen tussen een rijtjeshuis en een vrijstaande woning, zou ik nog altijd voor die laatste kiezen. Maar het is geen doel an sich meer. Ik weet niet waarom dat het vroeger wel was. Ik denk dat het meer met status te maken had, dan met het huis zelf. Als je vrijstaand woont, heb je het gemaakt. Dat vinden mensen. Wat mensen vinden, boeit me nu niet zo meer.

4. Wat als ik nooit meer ga verdienen dan ik nu doe. De horror!
Dit vond ik een vreselijk scenario. Wat als ik nooit meer meer zou gaan verdienen dan ik op dat moment deed. Ook dit was een status-dingetje, denk ik. We worden opgevoed met het idee dat stilstand achteruitgang is. Ik geloofde dat ook. Nu niet meer. Ik ben zelfs minder gaan verdienen de laatste jaren. Ik werk minder uren, heb twee kinderen gekregen. En ik ontdekte dat er ook andere dingen in het leven leuk en belangrijk zijn. Dingen die geen geld opleveren maar wel veel plezier. Mijn inkomen is nog altijd belangrijk voor me. Ik probeer genoeg te verdienen om lekker te kunnen leven en te sparen. Maar of dat inkomen groeit, boeit me niet. Als ik er maar mee uitkom./

5. Een kast vol kleding en niets om aan te trekken.
Ik had vroeger zoveel. Schoenen alleen al. Ik denk een paar of 20. Dan zijn er nog genoeg vrouwen die er meer hebben dan ik toen had. Ze stonden op twee planken uitgestald onder mijn kapstok. Nu? Nu heb ik een paar All Stars, een paar lage laarsjes, hoge laarsjes en ballerina’s. Dat is het. Daar doe ik het mee. Oh, ja, nog een paar hardloopschoenen, maar die heb ik al sinds de Middeleeuwen niet meer gebruikt, geef ik eerlijk toe. Het is een stuk duidelijker, zo met minder. In mijn kast hangt wat ik draag. Daar kies ik uit. Alles wat ik niet meer draag is weg. Al heb ik altijd een paar broeken die niet meer passen, die ik niet wegdoe omdat ik ervan overtuigd ben ooit nog een maat te krimpen. Yeah right. Hier geldt echt: less is more. Met minder kleding heb je meer overzicht en draag ik uiteindelijk meer verschillende dingen dan toen mijn kast rammetjevol zat.

6. Later is nog zo ver weg.
Ik riep dit vroeger van de hoogste daken. Later komt dan wel. Tot ik 30 werd. Toen waren mijn onbezorgde twenties voorbij en ging ik toch maar eens aan later denken. Huis aflossen, sparen, beleggen. Kinderen krijgen maakt je daar ook meer bewust van. Je moet het voor hun toch een beetje op orde hebben, vond ik. Dus is later nu best een belangrijk onderdeel van ons bestedingsritueel. Sparen voor later. Al hebben we er nu ook plezier van, hoor. Zo dalen onze woonlasten flink door dat aflossen voor later.

7. Fuck, ze hebben het niet af kunnen schrijven
Ai, ai, ai. Ik kreeg vaak belletjes of brieven van bedrijven dat ze automatische incasso’s niet af konden schrijven. Dan had ik teveel geld uitgegeven, waardoor er niet genoeg overbleef voor de vaste lasten. Soms betaalde ik zelfs de hypotheek te laat. Het duurde nog best lang voor ik dacht: dat moet anders. Ik opende een tweede rekening, waar ik alleen het geld voor de vaste lasten opzette. Daar had ik geen pasje van en nog steeds niet. Zo kon ik geld uitgeven zonder bang te zijn dat er niet meer genoeg op stond voor de automatische afschrijving. Dat doe ik nu een paar jaar zo en het werkt top.

8. Ik heb nog tien euro want ik sta -990
Zo dacht ik, toen. Ik had een krediet van 1000 euro op mijn rekening. Volgens mij had iedereen dat toen. Als ik -990 euro stond, vond ik dat ik nog 10 euro te besteden had. Iedere maand eindigde ik dik onder nul. Het demotiverende was, dat als ik salaris kreeg, ik net boven 0 stond. Betaalde ik mijn rekeningen netjes, stond ik alweer in het rood. Het kostte me superveel rente. Uit mijn hoofd iets van 14%. Toen ik eens een flinke financiele meevaller had, loste ik dat krediet af. En ik zegde ‘m ook gelijk op. Weg ermee. Geld dat je niet hebt, kun je niet uitgeven.

9. Geld is niet belangrijk.
Dat vond ik altijd. Vind ik niet meer. Geld is wel belangrijk. Dat merkte ik wel toen ik mijn eerste koophuis met een flinke schuld verkocht. Mijn spaargeld zorgde ervoor dat ik daar vrij wegkwam. Dat ik niet nog jarenlang hoefde af te betalen aan die schulden, tegen flinke rente. Het zorgde ervoor dat ik door kon met mijn leven. Dus nee, geld is niet het belangrijkste. Het is wel belangrijk.

Lees ook: Waarom iedereen Fuck You-money zou moeten hebben